zondag 10 september 2017

Reisverslag Sri Lanka 2017: dag 18 en 19

Donderdag 27 juli 2017 & vrijdag 28 juli 2017: Induruwa → Amsterdam

Onze laatste dag in Sri Lanka… In de nacht van donderdag op vrijdag zullen we via Doha (Qatar) terug vliegen naar Amsterdam, maar eerst kunnen we nog een hele dag genieten van het Sri Lankaanse strand.

Omdat we pas ’s nachts vliegen, proberen we ’s ochtends alvast zo lang mogelijk uit te slapen. We doen erg rustig aan en ontbijten zo laat mogelijk. Na het ontbijt gaan we even terug naar de kamer, waar we besluiten nog één keer terug te gaan naar de souvenirwinkel.

We verlaten het hotel, steken de weg over en spreken een tuktukchauffeur aan. Hij lijkt ons te begrijpen en we gaan op weg. De zijweg waar de andere chauffeur de vorige keer inging, rijdt deze chauffeur echter voorbij. We leggen nogmaals uit waar we heen willen en nu begrijpt hij ons echt. Via een secundaire route langs een meer komen we uiteindelijk alsnog bij de grote souvenirloods, waar we nog wat kleine dingetjes kopen.

Met de tuktuk gaan we terug naar het hotel, waar we de chauffeur bedanken en de afgesproken prijs betalen. We gaan naar onze kamer, kleden ons om en zoeken vervolgens een plekje op het strand. Omdat de oceaan erg ruw is, gaan we alleen even pootje baden voor we een duik nemen in het zwembad.

Nog een laatste dag genieten van het strand

Rond half één gaan we naar het terras om te lunchen. Zoals we inmiddels gewend zijn, duurt het erg lang voordat we de hele maaltijd gehad hebben: bestellen, wachten, eten, wachten op de rekening, nog langer wachten op de rekening, betalen, wachten op het wisselgeld en na nog even gewacht te hebben op het wisselgeld kunnen we terug naar het strand.

We nemen nog één keer een duik in het zwembad. Ondertussen zijn er al wat groepsleden vertrokken voor de stadstour naar Colombo. We zeggen hen gedag en genieten vervolgens verder van het zwembad. Ineens zien we een stel dat mee naar Colombo zou gaan terug komen. Verbaasd gaan we erheen om het verhaal aan te horen. Het vertrek was al vertraagd en zou nog verder vertraagd worden, omdat nog niet iedereen er was. Bovendien moest er eerst nog een groep naar het vliegveld gebracht worden. Hierdoor zou de stadstour Colombo maar heel kort tijdens daglicht gedaan kunnen worden, aangezien het op Sri Lanka vroeg donker wordt. Het stel besloot daarop de bus weer te verlaten en vanavond gewoon met ons mee naar het vliegveld te gaan.

Het verhaal lijkt weer typisch bij onze reis en het land te passen. We lachen erom met elkaar, genieten nog even verder en besluiten dan op te gaan drogen. Tegen vier uur gaan we naar de kamer, maar niet voor lang: we willen namelijk nog even een uurtje poolen. Het duurt uiteraard een tijdje voordat we het hebben kunnen regelen, maar dan kunnen we heel ontspannen nog een spelletje doen.

Na het spelletje gaan we terug naar de kamer, waar we de koffers zo ver mogelijk inpakken. Ook proberen we nog even een uurtje te slapen en natuurlijk nemen we een douche. Het zal lang duren voor we dat weer kunnen doen, aangezien we pas vrijdagmiddag Nederlandse tijd landen.

Precies om half acht lopen we het restaurant van het hotel in. Bijna onmiddellijk is er gedoe: omdat we alleen de kamer langer gereserveerd zouden hebben, wordt er verwacht dat we per persoon 2500 roepie voor het avondeten betalen (omgerekend zo’n €13,50), exclusief drankjes. Op onze reserveringsbon staat echter ‘dinner’, wat zou betekenen dat het avondeten inclusief is. De ober belooft het uit te zoeken.

Intussen gaan wij snel eten, want we moeten om half tien helemaal klaar zijn om te vertrekken. Om ons heen gaat de discussie over het eten door. Uiteindelijk besluiten we met een groep naar de receptie te gaan om het uit te zoeken. Hierbij voert één van onze groepsleden het woord. Hij legt uit dat er op de bon een uitchecktijd van 28 juli 11.00 staat en dat we in feite nog tot morgenochtend zouden mogen blijven. Het wordt een flink protest, waarbij een ober ondertussen van een groepslid dat zich niet met de discussie bemoeit een handtekening op de betalingsbon probeert te krijgen. De man achter de receptie probeert contact te zoeken met onze reisleider, want het lijkt erop dat het niet opgelost kan worden. Onze reisleider is zeer behulpzaam: van hem moeten we niet zo moeilijk doen, omdat hij vaker met groepen in het hotel komt…

Na lang (zeer lang) discussiëren wordt er afgesproken dat de overnachtingsprijs iets aangepast wordt. Op die manier zit het avondeten erbij. Dit vinden we prima en we gaan haastig terug naar de kamer om de laatste spullen in te pakken. Vervolgens checken we uit, wat natuurlijk ook weer lang duurt.

Tegen half tien zien we onze chauffeur en bijrijder en een vervangende reisleider. Hij spreekt gebrekkig Engels en als ik hem aanspreek, mag ik de overige groepsleden vertellen wat ze met hun koffers moeten doen…

We laden de koffers in, stappen in en zien dat er al een onbekend groepje mensen in de bus zit. Zij komen van een ander hotel en gaan met ons mee naar het vliegveld. We vertrekken snel, want het is nog een flink stuk rijden. Om ons heen is het donker, waardoor we geen idee hebben waar we rijden. Ondertussen praat de vervangende reisleider met ons en wil hij een foto met ons samen, want ‘omdat wij aardig doen, zijn we familie’.

Rond elf uur komen we in de buurt van Colombo. We gaan nog een zijstraat in, omdat we nog een groep mensen bij een ander hotel op moeten halen. Vervolgens rijden we een stuk door Colombo, waar we hoge gebouwen en een deel van de haven zien.

Uiteindelijk komen we bij de snelweg en zien we dat het nog 22 kilometer naar het vliegveld is. Hier komen we rond kwart over twaalf (middernacht) aan. We halen snel de koffers uit de bus en gaan de vertrekhal in. Meteen moeten de koffers door de controle. Ik krijg nog een ondervraging over de spuitbus deodorant en haarlak in mijn koffer, maar mag dan doorlopen. Vervolgens worden de koffers nog een keer gecontroleerd voor we naar de incheckbalie mogen. Hier staat een lange rij en het duurt dan ook erg lang voor we kunnen inchecken.

Als we aan de beurt zijn, vragen we meteen of we alsjeblieft naast elkaar kunnen zitten. Voor de eerste vlucht kan dit geregeld worden, voor de tweede vlucht moeten we in Qatar zijn, wordt ons verteld. Dat hopen we dan maar, want nu zit mijn vriend tijdens de tweede vlucht op rij 33 en ik op rij 19.

We gaan door de paspoortcontrole en wachten dan op wat groepsleden. Ook zij zitten allemaal ver uit elkaar, op het stel na dat precies na ons incheckte. We vinden het allemaal heel vreemd, waarom kunnen we niet gewoon naast elkaar zitten? Werkelijk iedereen is uit elkaar geplaatst, tot een gezin aan toe.

Langzaam gaan we richting de gate. We kopen nog een flesje drinken voor onderweg en gaan dan naar onze gate. Hier is ook weer een controle… en moeten we ons flesje drinken inleveren. De schoenen moeten ook uit. Na de controle is weinig ruimte om ze weer aan te doen, dus loop ik maar op mijn sokken de wachtruimte in.

In de wachtruimte mogen we heel wat tijd doorbrengen, want het vliegtuig is te laat binnen gekomen. Pas tegen kwart over drie begint het boarden (we vertrekken officieel vijf voor half vier). We boffen nog een beetje deze vlucht: we zitten op de rij achter de toiletten, waardoor we veel beenruimte hebben.

Vrij snel nadat we vertrokken zijn, krijgen we een maaltijd. Terwijl de crew nog bezig is met uitdelen, wordt de turbulentie zo heftig dat ook zij moeten gaan zitten. Dit zorgt ervoor dat de vlucht nu al minder fijn is dan we verwacht hadden. Het is onrustig, er is turbulentie en we moeten nog een heel eind vliegen.

Iets over zessen landen we op het vliegveld van Doha, Qatar. We haasten ons zo snel als we kunnen naar de gate, want we willen onze plaatsen regelen en om half zeven begint het boarden alweer. Rennend gaan we naar de gate, waar we het vragen. Helaas kan er niks gedaan worden: de hele vlucht zit vol.

Mijn vriend mag vanwege zijn plaats achterin al vrij snel aan boord, ik blijf achter en ga met de laatste mensen aan boord. Zodra ik bij het vliegtuig ben, haast ik me naar achteren: is het mijn vriend gelukt met iemand te wisselen? Nee, iedereen reist samen. Dan ineens zegt een man in een stoel schuin achter mijn vriend dat hij wel wil wisselen. We bedanken hem uitgebreid, want schuin achter elkaar is beter dan ruim tien rijen uit elkaar.

Ik installeer me en wacht samen met mijn vriend tot we vertrekken. Dit duurt nog even, omdat we moeten wachten op een groep Chinezen, wiens vlucht vertraagd is. Als zij aan boord komen, moet er eigenlijk eentje naast mij komen zitten. Een steward, die op de hoogte is van onze poging om te wisselen, stuurt haar echter naar de plaats van mijn vriend en laat mijn vriend naast mij zitten. We zijn hem echt heel dankbaar, want zeven uur naast elkaar in een vliegtuig zitten is toch fijner dan zo veel rijen uit elkaar!

We kunnen weer lachen: we zitten toch naast elkaar!

Het wordt opnieuw geen fijne vlucht, ondanks dat we naast elkaar zitten. Er is weer veel turbulentie, we zijn chagrijnig door de lange dag en vluchten, we hebben nauwelijks bewegingsruimte en het eten is alles behalve geweldig. Af en toe lopen we even op en neer naar groepsgenoten en we proberen nog een film te kijken. Toch hebben we allebei zin om heel hard te gaan juichen als we eindelijk gaan dalen.

Bijna weer vaste grond onder de voeten...


Met iets vertraging landen we in de regen op Schiphol. We taxiën naar de gate, moeten even wachten en staan dan eindelijk weer op Nederlandse bodem. We gaan door de paspoortcontrole, wachten op de koffers en nemen afscheid van onze groepsleden. Als onze koffers er zijn, verlaten we de bagageruimte en lopen we de aankomsthal in, waar de ouders van mijn vriend op ons wachten om ons naar huis te brengen. Het zal alles behalve stil zijn in de auto, want we hebben heel veel te vertellen!



woensdag 6 september 2017

Reisverslag Sri Lanka 2017: dag 15 t/m 17

Maandag 24 juli 2017 t/m woensdag 26 juli 2017: Induruwa

De komende dagen blijven we in Induruwa, waar we kunnen genieten van zon, zee, strand en het zwembad. Ook kunnen we bijkomen van de indrukwekkende reis die we tot nu toe gemaakt hebben.

Maandag 24 juli 2017

Na het vroege opstaan van de afgelopen twee weken, willen we vandaag graag even uitslapen. Helaas zitten we nog zo in ons ritme dat we toch vroeg wakker zijn. We nemen snel een douche, ontbijten en trekken dan onze zwemspullen aan. Buiten op het strand zoeken we twee lege bedjes, waar een personeelslid van het hotel matrassen op legt voor ons. Dan kan het genieten beginnen!

We proberen even de zee in te gaan, maar deze is erg wild. Er zijn hoge golven en er staat een sterke stroming, dus verder dan pootje baden komen we niet.

De zee bij Induruwa

In het zwembad kunnen we wel heerlijk onder water. Het is een bijzonder zwembad: het is lang en smal en er liggen groene tegels op de bodem, zodat het water groen lijkt.

Het zwembad met 'groen' water

De hele ochtend wisselen we zwemmen en luieren af. Ook kijken we naar de kleine eekhoorntjes, die rondlopen en van boom naar boom springen.

Rond lunchtijd gaan we naar het terras om iets te eten. Pas veertig minuten nadat we besteld hebben, krijgen we onze maaltijd. De hamburger die mijn vriend besteld heeft, blijkt echter nog rauw te zijn. Hij stuurt hem terug en mag vervolgens nog een keer twintig minuten wachten. Ook het betalen van de rekening duurt lang: we moeten er twee keer om vragen en dan nog een tijd wachten. Uiteindelijk zitten we een kleine twee uur op het terras.

’s Middags doen we weinig: liggen, zwemmen en weer liggen. Als het donker begint te worden, gaan we terug naar de kamer, waar we zien dat de schoonmaak een olifant heeft gemaakt van handdoeken. Een erg leuk gezicht!

De olifant van handdoeken met onze reisknuffels

Rond half acht gaan we eten. In tegenstelling tot gisteren is het eten niet best: het zijn veel Sri Lankaanse gerechten, die of heel pittig zijn of met vlees bereid. Ook andere groepsgenoten zijn niet echt te spreken over het eten. We besluiten het restaurant te verlaten en gaan naar de pooltafel voor een spelletje met z’n allen. Dit zorgt voor een heleboel hilariteit en een erg gezellige avond.

Na het spelletje wensen we elkaar welterusten en gaan we terug naar onze kamer. Op naar morgen, naar de volgende relax-dag!

Dinsdag 25 juli

We komen al iets meer uit ons ritme en slapen een beetje uit. Vervolgens begint onze dag, die ’s ochtends bijna een herhaling is van gisteren. De lunch wordt vandaag gelukkig sneller geserveerd, zodat we iets langer van onze middag kunnen genieten.

Omdat we het luieren en zwemmen eigenlijk al een beetje zat zijn, zoeken we een tuktuk op om ons naar wat winkeltjes te brengen. We leggen uit waar we heen willen en spreken een prijs af met de chauffeur.

In de tuktuk rijden we naar Bentota, de grote ‘stad’ naast Induruwa. Onderweg passeren we wat winkels, maar de chauffeur rijdt door. Ineens slaat hij een zijweggetje in. Mijn vriend en ik kijken elkaar aan, waar gaan we nu heen? De chauffeur stopt bij een soort opslagloods, waar heel veel houten beelden buiten staan. Hier is de souvenirwinkel, meldt hij. Met opgetrokken wenkbrauwen kijken mijn vriend en ik elkaar aan. Is dit een winkel?

Binnen worden we echter aangenaam verrast. Het is inderdaad een souvenirwinkel, alleen dan op z’n Sri Lankaans. Er zijn beeldjes, armbandjes, kussenslopen, muziekinstrumenten, beelden, magneten, maskers… Eigenlijk alles wat je maar kunt verzinnen, behalve kleding, is er wel.

Nadat we een paar dingen gekocht hebben, stappen we weer in de tuktuk en laten we ons naar een supermarkt brengen. Helaas hebben ze hier ook geen kleding, dus vragen we de chauffeur om advies. Hij brengt ons naar een speciale T-shirt winkel, waar we omgerekend voor 5 euro twee T-shirts kopen met een olifant en de tekst ‘Sri Lanka’ eronder. Wij hebben onze souvenirs!

Even poseren in de nieuwe shirts!

We gaan terug naar het hotel, waar we de chauffeur volgens afspraak betalen met een fooitje erbij, omdat hij nog naar een extra winkel gereden is. We brengen onze souvenirs naar de kamer, kleden ons weer om en vermaken ons de rest van de middag met zwemmen en kijken naar twee mannen die met behulp van een touwtje als waterpas een recht muurtje proberen te maken.

Een muurtje bouwen...

’s Avonds eten we weer in het restaurant van het hotel en opnieuw is het eten niet echt denderend. Gelukkig is het wel erg gezellig, zeker als er een soort strijd ontstaat met een man met een enorm overdreven accent over een raam dat wel of niet open mag staan. Morgen, horen we hem vertellen, is hij er echter niet, omdat hij met zijn gezin naar Kandy gaat en daar overnacht. Zullen we dan wel de strijd om het raam winnen? Het heeft in ieder geval voor een zeer amusante avond gezorgd en we kijken uit naar morgen!

Woensdag 26 juli 2017

Nadat we een beetje uitgeslapen hebben, douchen we, kleden we ons aan en ontbijten we in het restaurant. Vervolgens leggen we onze spullen neer bij twee bedjes en lopen we een stukje langs het strand. Het valt ons op dat er erg veel afval ligt. We vragen ons af of het allemaal aangespoeld afval is of dat het misschien ook gewoon gedumpt wordt. Het is zonde, want het verpest het strand eigenlijk een beetje.

We gaan terug naar onze bedjes en doen onze gebruikelijke ochtendactiviteiten: zonnen, zwemmen en luieren. We krijgen nog even bezoek van een zwarte zwerfhond, die we vaker gezien hebben en Sirius genoemd hebben (vernoemd naar Sirius Zwarts uit de Harry Potter boeken, die in een zwarte hond kon veranderen).

Sirius de zwerfhond op het strand

Als we geluncht hebben op het terras, wat ons vandaag slechts een uur kost, liggen we nog een tijdje op onze bedjes voor we rond vier uur naar de kamer gaan om onze fotocamera’s te halen. We lopen hetzelfde stuk als vanochtend, maar klimmen nu wel de rotsen op waar we vanochtend omgedraaid waren. Bovenop de rotsen hebben we een prachtig uitzicht op de woeste golven.

Golven die breken op de rotsen

We maken wat foto’s en genieten van de machtige golven. Voor ons is het mooi, maar we begrijpen dat het voor mensen die de tsunami van 2004 meegemaakt hebben erg beangstigend is. Induruwa zelf werd bijna niet getroffen (een verborgen rif hield de grootste golven tegen), maar het land Sri Lanka werd wel zwaar getroffen. Meer dan 38.000 mensen kwamen om het leven. In het gebied waar de Tamil Tijgers actief waren geweest, was er een extra gevaar: landmijnen die de Tijgers begraven hadden, spoelden nu uit het zand, waardoor er nog meer slachtoffers kwamen.

Nadat we wat foto’s gemaakt hebben, lopen we terug richting het hotel. Door het zachte zand gaat het terug lopen langzaam: af en toe zakken we tot onze enkels weg in het zand.

Bij het hotel nemen we nog een snelle duik in het zwembad voor we ons gaan opfrissen voor het avondeten. Het is de laatste avond dat we allemaal samen zullen eten (een deel van de groep gaat morgen de stadstour in Colombo doen en eet daar), dus hebben we een tafel gereserveerd om nog één keer samen te eten. De avond sluiten we af met een drankje in de bar.

Aan alles komt helaas een eind, ook aan onze vakantie...

Het is een erg gezellige vakantie geweest met heel veel bijzondere indrukken. Morgen hebben we nog één dag om te genieten van het Sri Lankaanse weer en dan is het alweer terug naar Nederland.


Tot morgen!

Lees verder: Dag 18 en 19



zondag 3 september 2017

Reisverslag Sri Lanka 2017: dag 14

Zondag 23 juli 2017: Embilipitiya → Induruwa

Vandaag is alweer onze laatste echte reisdag in Sri Lanka. De vakantie is gelukkig nog niet voorbij, we hebben nog een aantal stranddagen in het vooruitzicht, maar het is wel de laatste dag dat we een lange rit zullen maken in onze grote, roze bus. Onderweg zullen we nog stoppen bij een weeshuis voor olifantjes en bij het oude fort Galle.

De dag begint vroeg, aangezien we al om kwart over acht in de bus moeten zitten. We nemen een douche, kleden ons aan en ontbijten beneden in het restaurant. Daarna is het terug naar de kamer om tanden te poetsen en in te pakken, uitchecken en naar de bus! Daar blijkt dat er een aantal groepsgenoten niet lekker zijn. Ook de reisleider voelt zich niet helemaal goed. Voor hen is het extra fijn dat vandaag de laatste lange rit is.

Rond kwart over acht vertrekken we. We rijden in ongeveer een halfuur naar het Elephant Transit Home. Dit is een soort weeshuis voor kleine olifantjes die geen moeder meer hebben. In het Elephant Transit Home worden ze opgevangen en gevoerd. Zo kunnen ze weer aansterken. Ze mogen er blijven tot ze maximaal zes jaar oud zijn, daarna gaan ze terug het wild in. Uiteraard worden ze vrij gelaten in nationale parken, zodat ze in de gaten gehouden kunnen worden.

Voor we naar binnen gaan, ziet onze reisleider twee kleine uiltjes in een boom. Ze zijn lastig te zien, omdat ze heel erg verstopt zitten. Als we ze toch met moeite gezien hebben, gaan we het Elephant Transit Home in. Aan het einde van een pad is een uitkijkplatform gebouwd. Het kijkt uit op een grote vlakte met wat bomen in het midden, een klein meertje en een overdekt gedeelte. Er lopen al een paar olifantjes, die spelen met de takken die op de grond liggen.

Olifanten in het Elephant Transit Home

Rond negen uur begint het voeren van de olifantjes, waar we voor gekomen zijn. De olifanten, die elders in het nationale park bij het ‘weeshuis’ verblijven, verzamelen zich in een nette rij en mogen in groepjes naar het overdekte gedeelte komen. Daar worden ze gevoerd met behulp van een trechter en een lange slang.

Even wachten in de rij en dan in groepjes naar de drinkplaats!

De eerste olifantjes die komen, zijn duidelijk nog erg jong. Ze hobbelen braaf naar de overdekte plaats, happen naar de slang en drinken hun melk. Dan gaan ze de open vlakte op. Wat wel opvalt, is dat ze moeten gehoorzamen: als ze terug willen komen, worden ze met een tak geslagen tot ze weg gaan.

Het voeren van de olifantjes

De grotere olifanten komen wat later. Als ze klaar zijn met drinken, mogen ook zij nog even ‘spelen’. Een grote olifant, die een kunstbeen blijkt te hebben, vindt vooral het water erg leuk. Zijn kunstbeen is geen enkele hindernis, hij gebruikt gewoon andere olifanten als steuntje!

Zo'n kunstbeen is geen probleem!

Terwijl de olifanten in groepjes drinken, kunnen we ze goed bekijken. Een aantal hebben duidelijk littekens, waarschijnlijk door de gebeurtenis waarbij ze hun moeder kwijt zijn geraakt. De littekens geven ook aan dat er een zeer grote kans is dat hun moeder niet meer leeft.

Een van de olifanten met littekens

Het liefst zouden we blijven kijken naar de olifantjes, maar we hebben nog een lange rit voor ons. We verlaten het ‘weeshuis’ en gaan de bus weer in. Ruim anderhalf uur rijden we over de hobbelige Sri Lankaanse weg voor we stoppen bij een restaurant met uitzicht over de oceaan. Hier zullen we koffie drinken.

We maken wat foto’s bij het water, terwijl we wachten op onze drankjes. Veel foto’s kunnen we niet maken: het begint ineens te regenen. Gelukkig duurt de bui niet lang.

Uitzicht bij de koffiestop

Na de koffie maken we een praatje met de bijrijder van de bus. We hebben een beetje medelijden met hem: we hebben gezien dat hij vaak het zware werk moet doen (met koffers sjouwen) en dat hij een beetje het slaafje van de reisleider is (we hebben hem bijvoorbeeld de tas van de reisleider zien dragen, in plaats van dat hij dat zelf doet). Ook heeft de reisleider vanochtend verteld dat hij per dag vijftig cent fooi per persoon krijgt, terwijl de chauffeur het dubbele krijgt. We besluiten samen dat hij van ons nog wat extra fooi krijgt.

Als iedereen klaar is met koffie drinken en foto’s maken, vervolgen we onze rit. Het is een weinig interessante rit, aangezien er niet echt iets bijzonders te zien is. We rijden een stuk over de snelweg en stoppen uiteindelijk bij een hotel vlakbij fort Galle voor de lunch. Buiten is het erg warm en benauwd, het regenbuitje van eerder heeft nauwelijks voor verkoeling gezorgd.

Ook binnen in het restaurant is het warm. Na de lunch lopen we dan ook even een rondje op zoek naar het zwembad van het hotel. Daar zitten we een paar minuten met onze voeten in het water, wat wel voor verkoeling zorgt. Vervolgens gaan we terug naar de groep, omdat er nog een groepsfoto gemaakt moet worden. Na de foto bedanken we met z’n allen de reisleider en krijgt hij van veel mensen nog een fooi.

Met het officiële gedeelte van de reis achter de rug gaan we verder richting fort Galle. Dankzij het tv-programma Wie is de Mol? kijken mijn vriend en ik hier allebei erg naar uit. We verheugen ons erop door de smalle straatjes te lopen en dingen te herkennen van het programma. Helaas krijgen we een nare verrassing: de bus rijdt een stukje door het fort zonder te stoppen en gaat er dan weer uit. Foto’s konden we alleen vanuit de bus maken.

Moon Bastion, gefotografeerd vanuit de bus

Langzaam ontstaat er in de bus wat gemor. Waarom konden we niet stoppen? De reisleider staat op en spreekt ons toe. Het was zijn keuze het zo te doen, omdat er een paar zieke mensen in de groep zijn en die het liefst zo snel mogelijk naar het hotel willen. Een van onze groepsgenoten reageert terug met dat er ook genoeg mensen zijn die het fort wel wilden bekijken. Onze reisleider besluit om te gaan stemmen: wie wil er terug naar het fort en wie wil er naar het hotel? Omdat er een meerderheid is die stemt voor teruggaan, keert de bus alsnog om.

Het is niet heel veel tijd die we krijgen: binnen 20 minuten moeten we terug bij de bus zijn. Zodra de chauffeur stopt, sprinten mijn vriend en ik naar buiten. We willen namelijk graag Bastion Utrecht zien, omdat we in de buurt van Utrecht wonen. We gaan letterlijk rennend door de straten, waarbij we nog net iets zien van de VOC, van wie het fort vroeger was.

Hier hebben 'De Mol' Margriet en kandidaat Martine ook gestaan

Buiten adem bereiken we de rand van het fort. In de verte zien we een toren, die bij Bastion Utrecht hoort. We hebben echter geen tijd om erheen te lopen, dus houden we het bij een foto.

De vuurtoren (links) met ernaast het punt Bastion Utrecht

We gaan snel terug richting de bus, maar zetten onderweg nog wel even het straatje op de foto. Het is echt jammer dat we geen tijd hebben om verder op verkenning te gaan, want we hadden nog veel meer willen zien.

Een van de vele smalle straatjes in fort Galle

Bij de bus zetten we nog even de Nederlands Hervormde Kerk op de foto, ook een bekende uit Wie is de Mol?. Dan moeten we helaas de bus weer in en fort Galle achter ons laten.

De Nederlands Hervormde Kerk

Via de snelweg rijden we naar Induruwa, waar ons laatste hotel is. Onderweg probeert de reisleider nog wat reclame te maken voor de stadstour in de hoofdstad Colombo, die we de laatste dag kunnen doen. We vliegen echter om kwart over drie ’s nachts terug, dus wij blijven liever overdag in het hotel, zodat we uitgerust aan de vlucht kunnen beginnen. Meer mensen denken er zo over, iets wat onze reisleider niet lijkt te waarderen: hij blijft benadrukken dat de stadstour de beste optie is en dat een late check-out duur is. Wij zijn al vastbesloten: het wordt een late check-out!

Als we bij het hotel aankomen, dat er prima uit ziet, bedanken we de chauffeur en de bijrijder en geven we ze beiden nog een extra fooi. Dan willen we naar onze kamer, maar dat kan niet voor we beiden voor de sleutel getekend hebben. Het liefst willen we de late check-out nu regelen, alleen wil de reisleider ons eerst bij elkaar hebben. Hij moet namelijk een lijst maken van iedereen die mee gaat naar Colombo. Het wordt een ‘lijstje’: slechts acht mensen gaan mee.

We willen een tweede poging doen de late check-out te regelen, maar opnieuw mag dit niet: de reisleider moet eerst zijn kantoor bellen om door te geven hoeveel mensen er meegaan naar Colombo. Vervolgens meldt hij dat de prijs van de excursie omhoog gaat, omdat er te weinig mensen mee gaan.

Dan mogen we eindelijk proberen een late check-out te regelen. We vragen het aan een man, die achter de balie staat. Hij belooft te kijken, we moeten alleen even vijf minuten wachten. Tot onze verbazing loopt hij weg… en komt niet meer terug.

We vragen het aan een vrouw achter de receptie, die reageert alsof we haar verteld hebben dat de wereld vergaat. Pas als onze reisleider erbij komt, begint ze iets te regelen. Natuurlijk vragen we een bevestiging, want we weten dat het anders echt niet geregeld is.

Met de uitgeprinte bevestiging gaan we naar onze kamer, die niet ver weg is. We kleden ons meteen om en duiken dan in het zwembad. Dat hadden we even nodig! Het is een lange dag geweest, we hebben een lange reis achter de rug en we zijn ook zeker moe van alle indrukken van de afgelopen twee weken.

’s Avonds kunnen we nog genieten van een prima maaltijd voor we moe in ons bed ploffen. De komende dagen kunnen we gelukkig heerlijk bijkomen van de bijzondere reis, waarover we zeker nog lang na zullen praten.


Tot morgen!

Lees verder: Dag 15 t/m 17 (Induruwa)



woensdag 30 augustus 2017

Reisverslag Sri Lanka 2017: dag 13

Zaterdag 22 juli: Bandarawela → Yala → Embilipitiya

Na de bijzondere dag met de treinreis gisteren belooft vandaag ook weer speciaal te worden: we hebben namelijk een jeepsafari in Yala National Park op het programma staan, een beschermd gebied voor dieren, waar onder andere luipaarden wonen.

We staan uiteraard weer vroeg op en nemen een douche in de gammele badkuip. De douche is verrassend goed: er zit erg veel kracht op en het water is een prima temperatuur. Het ontbijt is dan weer wat minder, al is er ook hier een mogelijkheid om wafels te maken, net als in ons hotel in Kandy.

Als we ontbeten hebben, pakken we de koffers in en gaan we richting de bus. Het eerste stukje van de rit is goed te doen: we stoppen namelijk al na vijf minuten om te tanken. Vervolgens rijden we door naar een programmapunt dat de reisleider zelf heeft ingevoerd. Hij steunt een lokale school, waar dove en slechthorende kinderen naartoe gaan. Ook is er een gedeelte voor blinde en slechtziende kinderen. Beide delen zullen we bezoeken.

Wanneer we bij de school voor dove en slechthorende kinderen aankomen, staan de kinderen al op ons te wachten. Sommige groepsleden hebben snoepjes of speeltjes voor ze meegenomen, die de kinderen maar al te graag aannemen. Ondertussen zien we het gebouw waarin de klaslokalen zijn. De muren zijn versierd met handgebaren en er zijn geen ramen. Zo kunnen we het lokaal inkijken en het oude meubilair zien.

Een deel van het handalfabet op de muur

Een leeg lokaal iets verderop kunnen we van binnen bekijken. In de ruimte zitten kinderen uit vier verschillende klassen. De muren zijn versierd met kleurige posters, die nog iets van vrolijkheid moeten brengen in de verder armoedige ruimte.

Een van de klaslokalen

De keuken van de school is nog erger. Overal zijn vliegen en er lijkt nauwelijks ruimte om te koken. Onze reisleider heeft verteld dat er soms niet eens geld is voor ontbijt, waarop wij met onze groep een donatie doen. Het is namelijk echt heel triest om te zien hoe deze kinderen moeten leven.

De kale eetzaal van de school

Achter het eerste gebouw gaat de school verder met andere klaslokalen en de slaapzalen. De slaapzalen zijn gevuld met simpele stapelbedden. Er zijn gordijnen voor de ramen, maar is er niets dat verkoeling brengt, behalve een open deur. De doucheruimtes en toiletten naast de slaapzalen zijn vies en vol met vliegen.

We gaan terug naar de voorkant van het gebouw, waar een doof meisje ons tegenhoudt. Ze heeft een pen in haar hand en wil dat we onze namen op haar hand schrijven. Ook wil ze weten hoe oud we zijn. Vervolgens gebaart ze dat ze op de foto wil en daarna nog met mij en met mijn vriend. Met handgebaren vraagt ze of we een stel zijn. Hierop knikken we, waarna ze naar haar ringvinger wijst. We dragen geen ring, zijn we niet getrouwd? Als mijn vriend het gebaar van een hartje maakt om te vertellen dat we ‘gewoon’ verliefd zijn en niet getrouwd, begint ze te giechelen.

Na nog een paar minuten zwaaien we de kinderen gedag en volgen we onze reisleider naar het gedeelte voor de blinde en slechtziende kinderen. Dit is nog triester om te zien dan de school voor de dove en slechthorende kinderen. Zij leken nog enigszins iets te hebben, maar deze kinderen hier hebben overduidelijk echt helemaal niets. Een groepsgenoot van ons, die zelf werkt met slechtziende kinderen, heeft speelgoed gekocht, dat ze overhandigt aan een juf in de hoop de kinderen nog iets te kunnen geven. Het is echt heel erg triest om te bedenken dat deze kinderen waarschijnlijk geen enkele kans op een goede toekomst hebben.

In stilte verlaten we de school en gaan we terug naar de bus. Ook in de bus gaat het gesprek alleen over de school die we net bezocht hebben. Hopelijk komt in ieder geval onze donatie goed terecht en hebben we de kinderen iets kunnen geven.

Langzaam verandert het gespreksonderwerp en richten we ons weer op het landschap om ons heen. We rijden inmiddels door de bergen met heel veel groen. In de buurt van het plaatsje Ella stoppen we om koffie te drinken. Het restaurant waar we iets drinken (met een koekje erbij!), heeft een uitzicht dat ons doet denken aan Yosemite: bergen, bomen en groen. Dankzij de zon en de heldere lucht is het echt schitterend om te zien.

Het uitzicht bij Ella

Na de koffiestop vervolgen we onze route. We rijden nu meer bergaf met af en toe flink scherpe bochten. In één van die bochten probeert een tuktuk ons aan de binnenkant in te halen. Hij kan nog net op tijd remmen, anders had hij zichzelf klem gereden tussen onze bus en de berg…

Bij de Rawana Falls stoppen we nog even voor een foto. Het is een populaire waterval voor lokale mensen, die het water gebruiken om in te baden of om gewoon hun tanden te poetsen. Helaas is er niet heel veel water door het gebrek aan regen in dit gebied.

De Rawana waterval

Van de waterval gaan we door richting het restaurant waar we zullen lunchen. Aan onze reisleider moeten we alvast onze lunch doorgeven, zodat hij die door kan bellen naar het restaurant. Dit hoeft hij niet voor iedereen te doen: een aantal groepsleden gaan niet mee naar Yala National Park. Zij stappen over op een jeep, die hen naar het hotel zal brengen.

Wij gaan door naar het restaurant in het Kithala Hotel. Als we zitten, krijgen we vrij snel ons eten. Vervolgens is het nog even naar het toilet en dan de jeep in voor de safari!

De safari wordt gedaan in jeeps, waarin maximaal zes mensen kunnen zitten. Wij krijgen nog een extra passagier erbij: onze reisleider stapt voorin naast de chauffeur in. Zou dit onze kans vergroten om een luipaard te zien? We zijn benieuwd!

Met de jeep leggen we het laatste stuk naar Yala National Park af, wat nog een kleine drie kwartier rijden is vanaf het restaurant. Vlak na de ingang stoppen we even, zodat de chauffeur en reisleider navraag kunnen doen over waar we de meeste kans hebben een luipaard te zien.

Even stoppen voor informatie

Als het tweetal weer terug is, begint onze safari echt. Wat ons gelijk opvalt, is het tempo. De chauffeur weet het gaspedaal goed te vinden, waardoor we lekker op en neer hobbelen in de jeep. Ook heeft hij er geen enkele moeite mee om andere jeeps in te halen. We hebben al snel door dat er verschillende maatschappijen zijn die jeepsafari’s door Yala doen. Terwijl chauffeurs van de jeepsafari’s in Senegal elkaar helpen om dieren te vinden, is daar hier absoluut geen sprake van: ze rijden hard door, halen elkaar in en snijden elkaar soms gewoon de pas af.

Na een tijdje stevig doorgereden te hebben zonder te stoppen voor bijvoorbeeld de zwijntjes die we zagen, komen we terecht in een file. Jeep na jeep staat stil op een zandpaadje zonder dat er iets te zien is.

File in het park

Het gerucht wordt verspreid dat er een luipaard te zien is, maar wij hebben geen idee waar. Langzaam begint de file te bewegen en komen we dichter bij een meertje. In de struiken, wordt er gezegd. We kijken… en zien inderdaad iets bewegen in de struiken. Gelukkig komt het iets dichterbij en steekt er ineens een luipaard de weg over.

Overstekend wild - letterlijk

Het luipaard gaat naar het meertje om te drinken. Hij trekt zich niks aan van ons: hij drinkt rustig en gaat dan zelfs nog even liggen. Niet heel lang, want na een paar minuten staat hij op en verdwijnt hij terug de struiken in. Alleen wat pootafdrukken in het zand bewijzen dat er net een luipaard heeft gelopen. Met grote ogen kijken we elkaar aan. We hebben zojuist echt een luipaard in het wild gezien!

Bijna oog in oog met een luipaard

Eigenlijk is de jeepsafari nu al geslaagd, maar we willen toch graag nog meer zien. De chauffeur geeft ons wat meer de kans dieren te zien en stopt zelfs een aantal keer voor foto’s van onder andere waterbuffels en krokodillen, die we regelmatig tegenkomen.

Krokodillen en waterbuffels bij elkaar

Behalve waterbuffels en krokodillen zien we ook veel vogels, zoals pauwen en ibissen. Olifanten, die ook in het park zitten, zijn we echter nog niet tegengekomen. Als we even een stop maken vlakbij de oceaan, spreken we groepsgenoten uit een andere jeep die al wel olifanten gezien hebben. Wij gaan snel verder met duimen, want olifanten willen we ook graag zien.

Een klein vogeltje bij de stop

Niet lang na de stop blijkt dat het duimen geholpen heeft: in de verte zien we ineens twee olifanten. Een mannetje en een vrouwtje verplaatsen zich rustig over een kaal stuk grasland. Het is heel indrukwekkend en rustgevend om naar te kijken, vinden we. Zulke grote, machtige dieren kom je immers niet elke dag tegen!

Eindelijk olifanten in het wild

Nadat we ongeveer honderd foto’s van de olifanten gemaakt hebben, rijden we verder. We zien nog meer waterbuffels, vogels en krokodillen, waaronder een vrij grote.

De grote krokodil

Langzaam begint het een klein beetje te schemeren. Het is inmiddels ook al tegen vijf uur. De chauffeur gaat richting de uitgang, waarbij hij nog wel even stopt voor de zwijntjes aan het begin van het park.

Kleine Pumbaatjes aan het begin van het park

We rijden terug naar het Kithala Hotel, waar we ons even snel opfrissen voor we onze eigen bus weer in gaan. In de bus wordt er druk nagepraat over de safari. We hebben gewoon een luipaard én olifanten in het wild gezien! Het wordt echter snel stiller in de bus, want het is een indrukwekkende dag geweest. Bovendien is het nog een eind rijden naar het hotel. We bewonderen de chauffeur, die de bus bestuurt over de donkere weg zonder straatlantaarns. Af en toe zijn er wel Boeddhabeelden langs de kant van de weg te zien, die verlicht zijn met een soort lichtgevende dartborden. Het doet ons in ieder geval erg aan Las Vegas denken.

Rond half acht komen we eindelijk bij ons hotel aan. Hoewel het donker is, kunnen we nog net zien dat het een erg mooi hotel is. Het lijkt ook een beetje op een kasteel met veel trappen en zijgangen. Onze kamer zit ook in een zijgangetje, waardoor hij erg rustig gelegen is.

Zonder echt uit te pakken, gaan we naar het restaurant om iets te eten. We blijven niet lang, want we willen graag nog even douchen: alles zit onder het zand van de jeepsafari. We vinden het niet erg, we hebben immers een mooie en bijzondere dag gehad. Morgen zullen we vast en zeker ook weer een bijzondere dag hebben, want dan staat het bezoek aan het oude Nederlandse fort Galle op het programma. Bovendien is morgen onze laatste echte reisdag, iets waar we ook wel naar uitkijken. Maar eerst is het douchen, tanden poetsen en naar bed, zodat we kunnen dromen over alles wat we vandaag gezien hebben.


Tot morgen!

Lees verder: Dag 14 (Embilipitiya --> Induruwa)



zaterdag 26 augustus 2017

Reisverslag Sri Lanka 2017: dag 12

Vrijdag 21 juli 2017: Kandy → Bandarawela

Vandaag belooft weer een bijzondere dag te worden, want we zullen namelijk een deel van de route per trein afleggen. Deze treinreis staat bekend als één van de mooiste ter wereld.

Onze dag begint vroeg met douchen, aankleden en nog één keer genieten van het heerlijke ontbijt in dit hotel. Dan is het koffers inpakken, uitchecken en verzamelen voor het vertrek. Voor de laatste keer proppen we ons alle achtentwintig in het kleine busje en beginnen we aan de rit naar beneden, de steile berghelling af. Misschien zijn we eraan gewend geraakt of misschien rijdt de chauffeur gewoon rustig, maar het tochtje valt erg mee.

Eenmaal beneden stappen we over in onze eigen grote bus. Langzaam verlaten we de stad Kandy. We rijden eerst nog een stuk door de drukke straten, maar dan wordt het rustiger. Onderweg komen we langs de botanische tuinen, waardoor ik er nog een heel klein stukje van kan zien. Ook het volgende stukje van de rit is mooi: we rijden over een universiteitscampus, die zeer netjes is aangelegd. We zien diverse gebouwen, grote grasvelden die keurig gemaaid zijn en heel veel bomen. Sommigen hebben zulke laaghangende takken dat ze een deel van het pad blokkeren.

We laten de stad achter ons en gaan de bergen in. Hoe hoger we komen, hoe groener het wordt. Dit komt vooral door de theeplantages, waarvan Sri Lanka er heel veel heeft. Rond 1860 mislukte de koffieoogst namelijk door een plantenziekte, waarop de koffieplanters besloten over te schakelen op iets anders. Ze haalden theestruiken uit India en dat bleek een succes: de theeplantjes groeiden erg goed in Sri Lanka. De Britten, grote theeliefhebbers die lange tijd de baas waren in Sri Lanka, breidden de theeoogst flink uit.

Onze eerste stop vandaag is dan ook bij een theefabriek. Via een pad vol met struiken en bloemen komen we bij de fabriek aan. Hier worden de theeblaadjes naartoe gebracht, waarna er thee van wordt gemaakt.

De theefabriek die we bezoeken

Vanwege het gebrek aan regen, iets waarvan een deel van Sri Lanka al een tijdje last heeft, zijn er vandaag geen nieuwe blaadjes naar de fabriek gebracht. We krijgen nog wel de droogmachine te zien op de eerste etage, waar de eerder binnen gebrachte theeblaadjes gedroogd worden. Dit drogen gebeurt met behulp van een soort grote ventilator en is nodig om het te veel aan vocht in de blaadjes te laten verdampen.

Het drogen van de theeblaadjes

Beneden in de fabriek gaat het proces verder. De blaadjes worden gerold en gebroken (zo komt het natuurlijke gistingsproces op gang), gezeefd en uiteindelijk steeds fijner gemaakt. Hoe fijner de blaadjes, hoe sterker de smaak.

Met machines gaat het proces verder

Na de rondleiding door de fabriek mogen we natuurlijk zelf ook thee proeven. De eerste thee is redelijk zoet en daardoor prima zonder suiker te drinken. De tweede is al veel sterker en de derde is zo donker van kleur dat ik die maar besluit over te slaan. Enkele groepsgenoten die het wel proberen, komen niet verder dan een klein slokje.

De verschillende theesoorten die we kunnen proeven

We krijgen uiteraard ook nog de gelegenheid om in de winkel van de theefabriek rond te kijken. Onze reisleider vertelt ons dat we dertig procent korting krijgen, maar zelfs met die korting vinden wij de prijzen erg hoog. We laten de winkel achter ons en genieten nog even van het uitzicht.

Een klein kwartiertje later gaat de rit verder. We rijden hoger de bergen in en zien prachtige uitzichten met heel veel groen. Onderweg stoppen we bij een theeplantage, zodat we al dat groen op de foto kunnen zetten. Hier en daar wordt het groen onderbroken door borden met witte letters: de naam van de eigenaar van de theeplantage.

Een van de vele theeplantages

Nog later en nog hoger in de bergen stoppen we bij een restaurant voor de lunch. Het uitzicht is werkelijk adembenemend met veel groen en in de verte de Rambodja watervallen.

Het uitzicht met rechts de Rambodja watervallen

Omdat de losse lunchmaaltijden op de kaart vrij prijzig zijn en aangezien een ober meldt dat het een halfuur kan duren voor je het eten krijgt, kiezen we vandaag voor het lunchbuffet. Het is niet heel geweldig, maar ook niet heel slecht. En het uitzicht maakt uiteraard veel goed.

Het uitzicht tijdens de lunch

Nadat we gegeten hebben, wachten we buiten, waar we nog wat foto’s maken. We houden de tijd goed in de gaten, want om half twee moeten we allemaal weer in de bus zitten: we hebben immers een trein te halen!

Helaas let niet iedereen in de groep even goed op de tijd, waardoor we pas om kwart voor twee verder rijden. Via allerlei bochtige wegen rijden we naar Nuwara Eliya op 1893 meter hoogte. Deze bekende Sri Lankaanse stad was vroeger belangrijk voor de Britten en er zijn nog veel Britse invloeden te zien. Zo is er een golfbaan, herkennen we veel Engelse namen en zien we voor het eerst op Sri Lanka paarden.

Als we de stad uitrijden, komen we langs huisjes die ons ook weer aan Engeland doen denken. Heel even maar, want daarna is er weer veel groen te zien. We zien echter ook de klok, die steeds verder doortikt. Onze trein vertrekt om drie uur, gaan we dat nog halen? Het overige verkeer werkt niet mee: als onze bus een bocht wil nemen, dringt een tegenligger voor, waardoor de motor van de bus afslaat. Op een steil stukje van de weg staan we helemaal stil. Even is het spannend, maar gelukkig lukt het de chauffeur om de bus weer door te laten rijden.

Om tien voor drie zijn we eindelijk in Nanu Oya, het dorpje waar we op de trein zullen stappen. Het station bereiken duurt nog eens vijf minuten. Haastig verlaten we de bus en lopen we in hoog tempo het pad af naar de ingang van het station. Onze reisleider haast zich naar het loket om kaartjes te kopen, wij worden het perron alvast opgejaagd. Daar kunnen we rustig ademhalen: de Sri Lankaanse Spoorwegen willen een beetje op de NS lijken en daarom heeft de trein wat vertraging.

Ruim na drie uur rijdt een blauw gekleurde trein het stationnetje binnen. We stappen de derde klas in, die redelijk verlaten is, en zoeken een zitplaatsje. Even later vertrekt de trein en vanaf dat moment is het niets anders dan prachtige uitzichten.

De trein op het station van Nanu Oya

De trein rijdt dwars door de bergen vol met theeplantages, wat het ene na het andere mooie plaatje oplevert. Foto’s maken is geen probleem: de deuren van de wagons staan namelijk open en je kunt zonder gevaar in de deuropening zitten.

Het uitzicht onderweg

Zo’n twee uur lang zitten we in de trein en doen we niets anders dan genieten. Het uitzicht, de mensen aan boord die gewoon met elkaar muziek maken op hun trommels of hun koopwaar aan het bagagerek ophangen, de verkoper met een zeer irritante stem die drankjes probeert te verkopen… Het is een heerlijk bijzondere rit, die we echt niet hadden willen missen.

Het is een heel bijzondere rit!

Onderweg stoppen we een paar keer bij kleine stationnetjes. Een aantal zijn versierd met bloemen en planten, zodat het er erg gezellig uitziet.

Een van de stationnetjes onderweg

Rond vijf uur stopt de trein op het station van Bandarawela, ons eindpunt. We stappen uit, kijken nog één keer om naar de trein en volgen dan onze reisleider het station uit.

Op het station van Bandarawela

Lopend gaan we richting het hotel. Hiervoor moeten we onze reisleider tussen de vele Sri Lankaanse mensen die aan het winkelen zijn volgen en een drukke straat oversteken. Gelukkig lukt het allemaal en komen we veilig bij ons hotel aan.

Het hotel doet een beetje Engels aan met een grote tuin ervoor, oud meubilair en dikke houten hekken. Onze kamer, 116, kijkt uit op een klein veldje met gras en een kunstwerk dat een trein voorstelt. In de kamer zelf is ook genoeg te zien: we hebben een oud, hoog bed met dunne spijlen eromheen en de badkuip staat op losse pootjes in de piepkleine badkamer. De douche is niet meer dan een douchekop die met dunne, ijzeren leidingen met de kraan verbonden is. Het uitzicht achter de kamer is ook nog de moeite van het noemen waard: we kijken namelijk uit op… een oude badkuip die op een grasveld staat…

Omdat het hotel geen zwembad heeft, lopen we eerst snel naar de supermarkt aan de overkant van de straat voor wat boodschappen. Vervolgens halen we een drankje bij de bar, dat we heerlijk ontspannen opdrinken op het bankje voor onze kamer. Als het half acht is, gaan we naar het restaurant voor het avondeten. Het is geen geweldige maaltijd en er is niet heel veel keus, maar we zijn in Kandy natuurlijk ook verwend.

Na het eten gaan we terug naar de kamer, waar we nog even nagenieten van de prachtige treinreis. Morgen belooft ook weer een bijzondere dag te worden: dan zullen we namelijk Yala National Park bezoeken, een wildpark voor dieren, waarbij we kans hebben een luipaard te zien.


Tot morgen!

Lees verder: Dag 13 (Bandarawela --> Yala --> Embilipitiya)



woensdag 23 augustus 2017

Reisverslag Sri Lanka 2017: dag 11

Donderdag 20 juli 2017: Kandy

Na de rustdag in Trincomalee hebben we vandaag onze tweede vrije dag. Dit keer staat er helemaal niets op het programma en kunnen we de hele dag genieten van de zon, het uitzicht en het zwembad.

Onze dag begint later dan normaal, want na alle reisdagen met vroeg opstaan, kunnen we nu lekker uitslapen. We staan op ons gemak op en ontbijten in het restaurant aan een tafeltje bij het raam, zodat we uitzicht hebben over de bergen om ons heen.

Uitzicht tijdens het ontbijt

Als we ontbeten hebben, gaan we even terug naar de kamer om wat op te ruimen en de koffers alvast weer een beetje netjes te maken. Dan trekken we onze zwemkleding aan, lopen we de trap af en zoeken we een plekje bij het zwembad.

Tot ongeveer half twaalf doen we niet veel. We zwemmen, liggen wat in de zon, lezen en zwemmen weer. Om half twaalf begint het echter een beetje te spetteren, dus gaan we naar de kamer. We kleden ons om en gaan dan langzaam naar het restaurant voor de lunch. Hier zitten we een tijdje, aangezien het even duurt voor we ons eten hebben.

Genieten van het uitzicht tijdens het wachten

Omdat we eigenlijk geen zin hebben om de rest van de middag alleen maar bij het zwembad te liggen, informeren we na de lunch bij de receptie wat de kosten zijn van een tuktuk om ons naar het stadscentrum te brengen. De receptioniste vertelt ons dat er om tien voor half drie een personeelsbusje naar beneden gaat waar we gratis mee mee kunnen rijden.

Snel gaan we naar de kamer om wat spullen te pakken, want het is al bijna tien voor half drie. We zijn gelukkig op tijd en klimmen met nog een ander stel van onze groep in het busje. Dat rijdt vervolgens nog langs het buurhotel voor het begint aan de rit naar beneden. Wij sluiten onze ogen maar weer even…

Gelukkig komen we weer veilig beneden aan. We beginnen te lopen en komen algauw bij een brug over een spoorrails… waar allerlei mensen op lopen. Het spoor is hier duidelijk minder druk dan in Nederland!

Het voetpad in Sri Lanka?

Terwijl om ons heen de verkeerschaos steeds groter wordt, lopen we in de richting van wat wij denken dat het centrum is. We hebben namelijk geen kaart of wifi, dus Google Maps kan ons ook niet helpen.

Verkeerschaos in de stad 

Ergens langs een drukke weg zien we ineens een groot gekleurd Boeddhabeeld. Boeddhabeelden zijn meestal op meerdere plaatsen in de stad te zien, maar ze zijn over het algemeen niet zo groot. Zijn we misschien in de buurt van de Tempel van de Tand? We hopen van wel, aangezien we graag het meer willen zien.

Gekleurd Boeddhabeeld langs de weg

We lopen door, maar komen niet uit bij de Tempel. In plaats daarvan staan we opeens bij het treinstation van Kandy. Nieuwsgierig lopen we naar binnen. Het is er redelijk druk, maar niet zo chaotisch als het verkeer buiten. Wat onze aandacht trekt, is een groot bord met daarop de tijden van vertrekkende treinen. De NS doet dit allemaal digitaal, maar hier wordt alles nog handmatig gedaan, inclusief klokken die zelf veranderd moeten worden.

Het informatiebord op het station

Nadat we rondgekeken hebben, verlaten we het station weer en slaan we linksaf. Nu staan we op een drukke markt. Hier valt ons op dat niemand ons aanspreekt, al zijn we de enige toeristen tussen allemaal Singalezen. Waarschijnlijk weten ze al dat wij toch geen interesse hebben in hun producten: ze verkopen voornamelijk fruit (met gratis vliegen erbij).

Een aantal minuten lopen we een beetje zoekend door de straten. Soms denken we iets te herkennen, maar eigenlijk hebben we geen idee waar we zijn. We proberen de borden te volgen naar de Tempel, alleen zijn die niet heel duidelijk. Zo staan we opeens bij de gevangenis van de stad, waar we gewoon omheen kunnen lopen. Iets verderop herkennen we weer iets: hier zijn we begonnen! We bestuderen het kleine plattegrondje dat we in ons hotel op onze telefoon hadden gezet en doen een nieuwe poging het meer te bereiken.

De straat waar we doorheen lopen, wordt steeds drukker. We zien meer restaurants en winkels, een goed teken dus. Dan herkennen we in de verte het hotel dat we gisteren ook gezien hebben. We hebben het meer gevonden!

Bogambara Lake - het meer bij de Tempel van de Tand 

Het oversteken naar het meer toe is nog even een obstakel, maar dan kunnen we rustig rondkijken. Vlakbij de Tempel, in het Bogambara Lake, is een klein eilandje te zien. Het zou een monument kunnen zijn, maar het heeft ook iets van een soort graf. Volgens een legende was het de plaats waar vroeger het personeel van de koning een bad nam. Het eilandje zou via een geheime tunnel met het paleis achter de Tempel verbonden zijn.

Het eilandje in het meer

Helemaal rondom het meer loopt een muur, de Walakula Bamma, ook wel Wolkenmuur genoemd. Dit, omdat het een kunstmatig aangelegd meer is en omdat het meer beschermd is. Zo mag er bijvoorbeeld niet in gevist worden.

Het meer met een deel van de Walakula Bamma

Vanaf onze plaats naast het meer hebben we ook goed zicht op de drukke straat voor de Tempel. Het verbaast ons dat er geen ongelukken gebeuren, aangezien alles en iedereen kriskras door elkaar heen rijdt en loopt.

Verkeer in de straat bij de Tempel

Als we een aantal foto’s van het meer gemaakt hebben, besluiten we om terug te gaan naar het hotel. We gaan iets meer in het zicht van het verkeer staan om een tuktuk te zoeken. Dit duurt niet lang: al binnen een paar tellen stopt er een tuktuk voor onze neus. De chauffeur wil dat we instappen, maar wij willen eerst een prijs weten. Hij blijft aandringen dat we in moeten stappen, wat we erg vreemd vinden. Uiteindelijk geeft hij een prijs en stappen we in. Nu legt hij uit dat hij eigenlijk niet mag stoppen op dat punt en een boete had kunnen krijgen.

We beginnen aan de rit de stad uit, waarbij onze chauffeur ons de standaardvragen stelt: hoe lang zijn we al in Sri Lanka? Hoe lang blijven we nog? Waar zijn we geweest? Hij spreekt niet al te best Engels, waardoor communiceren lastig is. Wanneer we bij de berg richting ons hotel komen, wil hij weten of wij (oftewel mijn vriend, aangezien vrouwen niet altijd bij het gesprek betrokken worden) een rijbewijs hebben. Hier antwoorden we beiden ‘ja’ op. De chauffeur begint de berg op te rijden, maar stopt ineens. We schrikken een beetje, wat nu? Maar dan worden we verrast: de chauffeur vraagt of mijn vriend verder wil rijden.

Dit wil mijn vriend graag proberen en hij kruipt naast de chauffeur achter het stuur. Na een korte uitleg rijden we verder. In het begin moet mijn vriend nog een beetje wennen, omdat het schakelen anders werkt in Nederland, maar dan krijgt hij de smaak te pakken. Zonder stil te vallen en zonder ongelukken komen we op de top van de berg aan, veilig bij ons hotel.

Mijn vriend (rechts) achter het stuur van de tuktuk

Uiteraard geven we de chauffeur een fooitje, maar andere aanbiedingen houden we even af. We lopen het hotel in, nog vol van de rit van zojuist. Als we weer bij het zwembad zijn, vertellen we het verhaal natuurlijk aan onze groepsgenoten, die het ook erg bijzonder vinden.

De rest van de middag blijven we bij het zwembad. Wanneer de zon een beetje onder begint te gaan, keren we terug naar onze kamer om ons op te frissen en om te kleden. Al om zeven uur gaan we naar het restaurant voor weer een prima avondmaaltijd. Daarna is het terug naar de kamer, zo veel mogelijk al inpakken en weer vroeg naar bed. Morgen hebben we namelijk weer een gewone reisdag, waarbij we een deel van de route per trein af zullen leggen.


Tot morgen!

Lees verder: Dag 12 (Kandy --> Bandarawela)